Diccionario neerlandés–español

Traducción española de la palabra neerlandesa treffend

neerlandés → español
  
neerlandésespañol (traducido indirectamente)esperanto
(ontmoeten)
chocar contra
;
dar con
;
encontrar
;
encontrarse con
;
topar
(halen; raken)
🔗 De man met het zwaard wachtte op een kans om toe te slaan zonder het risico te lopen dat hij de soldaten trof.
acertar
;
dar con
;
dar en
(gevecht; kamp; slag)
🔗 In het verleden heeft dit treffen al eenenveertig maal plaatsgehad.
acción
;
batalla
(ontmoeting)
🔗 Maar dat is een informeel treffen.
encuentro
(aanwenden; toepassen)
aplicar
;
emplear