Dutch–English dictionary

English translation of the Dutch word paardehaar

Dutch → English
  
DutchEnglish (translated indirectly)Esperanto
tuft of hair
;
villus
(heur)
🔗 Haar gezicht stond ernstig.
🔗 Het was voor de andere kooplieden om zich de haren uit het hoofd te trekken.
🔗 Uw haar is nu heel kort.
(haren)
🔗 Haar haren waren dof en vuil geworden en lagen verward over haar gezicht en schouders.
(hun)
🔗 Je kunt kiezen uit een paard, een loper, een toren en een dame.
🔗 De vreemdeling op het zwarte paard glimlachte.

DutchEnglish
paardehaar horsehair
haar hair; her; its; nap; their
paard gee‐gee; horse; knight; nag; vaulting‐horse
paardeharen horsehair